U bent hier

De tuinen van Hingene

tussen Schelde, Rupel en Vliet

Gedurende vele eeuwen was het kasteel van Hingene het maison de plaisance of de zomerresidentie van de adellijke familie d'Ursel.  Vrijwel elke d'Ursel-generatie heeft het kasteel en het park aan de heersende wooncultuur en mode aangepast: telkens bijgestaan door internationaal gerenommeerde ontwerpers zoals Jean Beaucire, giovanni Nicolano Servandoni of Eduard Keilig.

Het boek illustreert aan de hand van waardevolle en veelal onuitgegeven documenten, onder meer uit het archief van de familie d'Ursel, hoe dit domein evolueerde.  Het is een bijzonder boeiende ontwikkeling: eerst een laat-middeleeuws stenen huis en hof, daarna een bak- en zandstenen buitengoed met Vlaamse renaissancetuin, nog later een door water omkaderd kasteel in een baroktuin, en vandaag het monumentaal en classicistisch perspectief in het landschappelijk waardevolle park.

De geschiedenis van het domein d'Ursel is tegelijk ook een verhaal over een stukje Scheldevallei en het dorp van Hingene, waarin de familie d'Ursel een centrale plaats bekleedt.  Door hun omvangrijk patrimonium en hun eeuwenlange aanwezigheid zijn het landschap, het dorp en het kasteeldomein onlosmakelijk met elkaar vervlochten.

Na een leegstand van bijna twintig jaar kocht de provincie Antwerpen in 1994 het als monument beschermde kasteel.  Sinds het voorjaar 2000 is dit domein samen met de omgeving van het paviljoen De Notelaer ook beschermd als landschap.  Hierdoor is de eenheid van deze historische kasteelsite hersteld en kunnen de banden met deze kleurrijke geschiedenis en omgeving opnieuw worden aangehaald.

Auteur: 
Katrien Hebbelinck